Episode Transcript
Veerle en Skye heten je van harte welkom op hun podcast, Levenslijnen. Ze bespreken thema's die hen bezighouden en onze samenleving vormgeven. In elke aflevering nemen zij je mee op reis door de verhalen en thema's die hen raken. Veel plezier met het beluisteren van Levenslijnen.
Welkom bij een nieuwe aflevering van Levenslijnen.
Sommige mensen vinden het makkelijker om te vertellen wat er in hun omgaat met woorden. Voor anderen zitten die woorden ergens diep van binnen. Ze zijn er wel, maar hardop uitspreken is niet altijd eenvoudig.
Onze gast van vandaag vond een andere manier om die woorden naar buiten te brengen. Door te schrijven.
Robin Clemens is een jonge auteur en schreef Mijn Pandoradoos, een boek waarin ze woorden geeft aan gevoelens en ervaringen die soms moeilijk uit te spreken zijn. Over je alleen voelen, over niet altijd gezien of gehoord worden, over anders naar de wereld kijken, over moeilijke momenten, maar ook over hoop.
Vandaag willen we vooral luisteren naar Robin en naar iemand die haar verhaal van heel dichtbij heeft meegemaakt, haar mama Veerle.
Robin en Veerle, welkom bij Levenslijnen.
Robin, voor we over je boek beginnen, willen we eigenlijk jou leren kennen. Wie ben je eigenlijk?
Ik ben een meisje van 14 jaar. Ik schrijf mijn gevoelens altijd uit, omdat het moeilijk is om ze te verwoorden.
In jouw auteursprofiel, voor mij staat daar iets heel opvallends in. Daar staat in dat mensen jou soms wel eens een strijder noemen. Maar er staat dan ook bijna direct bij dat jij jezelf zo niet ziet.
Waarom noemen mensen jou een strijder, denk je?
Omdat mensen die dicht bij me staan, die weten dat ik al veel heb meegemaakt. En omdat ik meestal door die dingen ben geraakt, noemen ze me wel een strijder. En zeggen ze dat ik sterk ben, omdat ik daar doorheen ben geraakt.
Maar ik zie mezelf meestal zo niet.
Waarom niet?
Omdat meestal begin ik te twijfelen aan mezelf. Ik heb hulp nodig gehad om er door te geraken en ik kon het soms niet alleen.
Dus eigenlijk als je terugkijkt naar jezelf als jongerkind, hoe heb je dan het opgroeien zelf ervaren? Want je zegt van ik heb soms moeilijk gehad.
Vroeger was ik denk ik wel best blij, maar eens dat ik ouder werd en meer van de echte wereld begon mee te maken, werd het moeilijker en moeilijker.
Vooral toen ik de diagnose autisme kreeg, begint alles een beetje anders te lopen en beginnen mensen je anders te zien. Waardoor er heel veel is veranderd in hoe ik met anderen en mezelf omging.
Je spreekt over autisme en jezelf leren te begrijpen. Hoe heeft jou dat eigenlijk, ja, met de hulp van misschien andere instanties, mama, papa, de omgeving rondom jou, hoe ben je de dingen dan misschien toch beter gaan begrijpen?
Vooral als ik een situatie meemaakte, ging ik daarover schrijven. Meestal wist ik zelf niet wat ik aan het schrijven was, totdat ik het terug ging lezen.
Waardoor ik wist, zo voelde ik me in die situatie, zo moet ik ermee omgaan. Want als ik in die situatie zit, weet ik niet wat ik voel, totdat ik herlees of herdenk aan zo'n situatie.
Eigenlijk zo'n beetje zelfreflectie, zal ik zeggen. Wat je dan onbewust doet.
Ja, eigenlijk wel.
Zijn er ook nog andere dingen, buiten het neerschrijven, dat je denkt van, ik kan het ook op die manier, of ik kan daar kracht, energie uitputten om het toch anders te doen? Of is dat wat moeilijker?
Dat is wat moeilijker, vooral omdat ik veel nadenk en veel nadenk over het fouten. Dus ik kan dan verschillende oplossingen vinden, maar dan meestal de fouten doen.
De fouten voor jou of de fouten waarvan de mensen zeggen dat het een fout is?
Vooral beide.
Oké.
Beiden.
Ik ben mij zo een beetje aan het situeren. Ik heb zelf ook een zoon die autistisch is, maar autisme is een heel breed spectrum. Hij kan bijvoorbeeld heel moeilijk sociale contacten maken. Hij heeft bijvoorbeeld maar één beste vriend in de lagere school, wat ik mij herinner. Empathie kan hij niet aflezen van Ja, van de andere persoon of de persoon die voor hem staat.
Ik vermoed dat jij een andere vorm van autisme hebt.
Eigenlijk is de vraag van wat betekent het autisme voor jou persoonlijk.
Ja, dank u.
Ik heb vooral moeite met sociaal. Dus met andere jongen van mijn leeftijd omgaan. In de lagere school sprong het van de ene vriend naar de andere. In de middelbare school nog altijd. Ik heb nooit echt zo één iemand gehad die voor een lange tijd bij mij bleef.
Ik heb ook heel veel moeite van overstimulatie. Ik word heel snel overbrikkeld door bepaalde geluiden, acties van personen. Waardoor ik heel vaak in de les gewoon wegloop omdat het me allemaal te veel is. En ik kan ook niet tegen heel veel mensen die praten op hetzelfde moment. Dat is heel moeilijk voor mij.
En ook weten wat mensen voelen. Of sarcasme. Daar ben ik niet de beste in.
Ja, je bent daar niet alleen in die dingen hoor.
Je zei daar straks dat toen je opgroeide, dat je eigenlijk een vrolijk kind bent, dat dat later dan minder gegaan is. Wijt je dat aan het feit dat men toen gezegd heeft van je hebt de ASS?
Ik denk, in de lagere school had ik een moeilijke periode, in de stad waar ik in het vierde zat.
Toen ben ik veranderd van school en hebben ze heel veel testen gedaan, wat ervoor zorgde dat ik veel school miste. En toen kreeg ik de diagnose en toen mensen dat wisten, gingen ze anders kijken naar me, wat ervoor zorgde dat ik mezelf ook slechter ging voelen.
En vooral omdat ik toen nog zo jong was, wist ik helemaal niet hoe ik ermee om moest gaan, waardoor alles heel moeilijk was.
En is die vrolijkheid een beetje teruggekomen?
Naarmate ik ouder werd, wist ik meer hoe ik ermee om moest gaan. Ik ben nu altijd niet de blijste persoon, maar dat is denk ik niemand.
Maar ik denk wel dat het al beter gaat dan het eerste paar jaar dat ik wist van, ah oké, dit is er aan de hand.
Je vertelde juist ook dat je zo de dingen aanvoelt. Bedoel je dan zo van die persoon die zit voor mij, die kan ik tussen aanhalingstekens wel wat vertrouwen? Of wat bedoel je daar eigenlijk mee?
Ik weet het eigenlijk niet echt zo goed.
Ik heb ergens ook gelezen, ik moet me een beetje op je auteursprofielen gaan focussen, omdat ik je zelf niet persoonlijk ken, dat je soms veel voelt. Ik merk dat ook in je boek. Als ik je boek lees, dan merk ik dat je veel voelt. En ik denk dat dat is wat Veerle een beetje probeert te vragen.
Als gevoelens bij jou heel sterk binnenkomen, kan je gevoelens van andere mensen overnemen? Je zei er straks zelf, het is moeilijk om iemand te lezen soms.
Soms is het makkelijk om te weten wat iemand voelt, maar meestal is het dat ik denk dat ze zich zo voelen, maar eigenlijk voelen ze zich totaal anders en vat ik het verkeerd op.
Vraag jij dat soms aan de mensen? Of durf je dat misschien nog niet?
Meestal durf ik het niet. Als er een persoon is die dichtbij me staat, durf ik het wel meer. Maar meestal niet.
Maar ik denk dat het ook zo is. Wij volwassenen vragen alles. En hoe gaat het? Ça va. En daar stopt het ook. Ja, maar dat... Ja, ik denk dat... Het is dat wat we bedoelen.
De ça va is niet altijd de juiste ça va.
Nee, je kunt wel een vrolijk gezicht opzetten en doen, maar van binnen kun je je heel anders voelen. Sommigen zijn hoog sensitief en voelen dat sneller aan dan anderen. Het is allemaal heel complex.
Dat klopt, en daarstraks heb je ook iets gezegd wat eigenlijk met mijn volgende vraag een beetje te maken heeft.
En jouw boek komt heel vaak ook naar voren voor mij, want ik ga zeggen dat het geen leesboek is, het is meer een boek waar Zo mijn stukjes eens moet lezen, vind ik. je... Er komt bijvoorbeeld iets naar voren van niet gezien worden. Dat komt soms heel sterk naar voren dat je het gevoel hebt dat je niet gezien bent geweest.
Klopt mijn gevoel?
Ja, dat klopt.
En heb je daar een voorbeeld van? Dat je zegt, ik heb het gevoel dat ik toen niet gezien ben geweest?
Toen ik door een heel diep punt ging in 2024, heb ik mezelf heel erg afgesloten en liet ik niet echt veel zien van mijn gevoelens. Waardoor ik denk dat niet echt iemand wist van dit is er aan de hand, dit voelt Robin eigenlijk. Waardoor ik me niet echt gezien voelde.
Maar ik durfde toen zelf ook niet te praten over wat er eigenlijk gaande was. Dus het leek een beetje aan mij en ook een beetje aan anderen.
Dan heb ik een vraag voor mama Veerle. Hoe ging jij daar dan eigenlijk mee om? Want je ziet wel bij je dochter van, er scheelt iets, maar ik kan mijn vinger er niet op leggen. Hoe kan ik haar benaderen of haar gewoon rustig haar ding laten doen?
Als mama is dat heel moeilijk, omdat ik wel wist dat er van alles aan de hand is. En ik heb dat ook geprobeerd om dat uit haar te krijgen. Omdat je wil als mama natuurlijk het beste voor je kind. Maar dat is eigenlijk nooit gelukt.
Maar we hebben wel geprobeerd elke... Hulpverlening die we konden krijgen met beide handen aangenomen.
En die hulpverlening zijn dat dan psychiaters of waar dan zij terechtkomen of de familie misschien zelfs terechtkomt?
Nee, in eerste instantie is het gestart met eerste lijns psychologen aan huis.
Dat komt eigenlijk een beetje tot jouw boek meer, tot het schrijven zelf. Je zegt net, je hebt er straks gezegd, ik schreef vroeger gemakkelijk de dingen wel op, maar dan is het later bij het herlezen dat er dingen meer duidelijk werden voor mij en alles.
Dus weet jij nog wanneer je ongeveer bent beginnen te schrijven, zo die dingen?
Ongeveer in 2023.
Is dat coronatijd? Nee, dat is er na coronatijd.
Wat is er net voor geweest? Ik ben beginnen met te schrijven. Die dingen die je toen geschreven hebt, die heb je allemaal gewoon bijgehouden?
Ja, de meeste heb ik er in het thuis wel nog liggen. Toen schreef ik nog op papier. Nu, de meeste dingen schrijf ik op mijn gsm, omdat ik mijn gsm meestal dicht bij me heb.
Klopt. Mijn eerste fase schrijf je gewoon voor jezelf, denk ik dan.
Ja.
Je bent niet beginnen te schrijven met de bedoeling van ik krijg hier ooit een boek van.
Nee, want eigenlijk was het nooit mijn idee.
En wie is dan op het idee gekomen?
Mijn mama.
En waarom?
Omdat ik vond dat ze daar iets mee moest doen. Ik vond wel dat ze schrijverskwaliteiten had. Ik vond het zonde om die niet te tonen aan de buitenwereld.
Dus je ziet, er staat toch iemand langs jou, Robin, die jou een steuntje in de rug geeft, die begrijpt, allerlei meeste dingen hoop ik dan toch, als mama, wat er zo'n beetje in jou omgaat, want ja, mama heeft dan jouw boek ook en jouw emoties die je neergeschreven hebt ook gelezen.
En ik denk van daaruit, allee, denk ik, ik weet het niet, hè mama, verbeter mij als het niet juist is, dat je uw dochter ook beter bent gaan begrijpen.
Dat is eigenlijk pas gebeurd, toen het contract al getekend was.
Ja.
Ze schreef eigenlijk in het Engels.
Oké.
En heel af en toe stuurde ze mij dan eens een gedichtje door, wat ik wel mocht lezen. En haar manuscript was ingediend, goedgekeurd, contract getekend.
En toen belde de uitgever mij op, van ja mama, daar moet toch een waarschuwing komen. En ik zo, oei. Ja mama, ik veronderstel dat je het boek toch gelezen hebt. Ja nee, ik heb het nog niet mogen lezen. Dus ik heb het eigenlijk pas effectief gelezen.
Toen het ingestuurd was.
Ja.
En ik vond het chapeau, maar het heeft mij ook heel veel tranen gekost. Omdat ik toen eigenlijk pas las waarmee ze allemaal geworsteld heeft de laatste jaren.
Uiteindelijk is het boek, en dat vind ik ook een bijzondere titel, eigenlijk mijn Pandora-doos. We weten allemaal als we zeggen de doos van Pandora waarover het gaat. Dus het is toen ik het open deed.
Toen ik het boek zag liggen, heeft die titel mij wel direct aangesproken. De eerste reden dat ik toen gestopt was, was in het gestentje. Omdat ik dacht dat ik mijn bedoelde was. En het tweede was dan de artikelen die ernaast lagen. Dat je van de buurt bent, zal ik zeggen. Van onze buurt.
Maar waarom die titel? Heb jij die zelf gekozen?
Mijn mama heeft een beetje meegeholpen, want ik had een paar titels, die waren allemaal veel te lang, want ik wist niet hoe ik een titel moest maken.
En toen ik de betekenis wist van de titel, dacht ik, eigenlijk klopt het wel. Eigenlijk past het bij het boek en verdient die titel wel.
Dat klopt. Jouw Pandora-doos, is die nu altijd open of is dat met momenten?
Totaal niet. Ik ben nog altijd heel gesloten. Het was ook heel moeilijk om uit te geven, want mijn familie heeft die natuurlijk allemaal gelezen en niemand wist eigenlijk wat er ooit gaande is geweest.
Was dat wel heel spannend voor jou, denk ik nu?
Ja, het was heel moeilijk om te zien toen ik erbij zat en bijvoorbeeld mijn meter las iets. Was het heel moeilijk om aan te kijken hoeveel dat hen heeft gekwetst en om hen te zien beseffen van ah, Robin heeft dit meegemaakt en wij wisten dit niet.
Het was wel heel moeilijk te zien.
Is je boek nu ook een beetje een moment voor jou en eventueel voor je mama om over dingen te praten? Of is dat voor jou nog moeilijk?
Het is nog altijd moeilijk. Ik denk dat vele denken nu dat mijn soort van geheimen uit zijn, dat het makkelijk is om te praten erover.
Maar eigenlijk voel ik me nog altijd hetzelfde en weet ik nog altijd niet hoe ik me voel. Dus het is nog altijd even moeilijk als dat het was voordat ik het uitbracht.
Als jij mama nu bijvoorbeeld s'avonds in de zetel zou zitten, en mama neemt dat boek, en zij zou daar onwillekeurig één tekstje van nemen, wil dat dan ook zeggen, want jij zegt juist het is nog altijd moeilijk, dat jij het ook moeilijk hebt, om mama uit te leggen wat dat daar dan eigenlijk... Zeker, ja. Wat dat met jou teweeg brengt.
Ja, soms stelde mama mij een vraag, bijvoorbeeld toen ze dat telefoontje kreeg van de uitgever voor de waarschuwing.
Ik zei altijd dat het boek niet helemaal over mij ging, dat daar zo'n 70% of zo over mij ging, maar dat was eigenlijk niet waar, omdat ik wou niet dat mijn ouders wisten van...
Ja.
En mama Veerle, als je dat toch eens probeert, jij voelt die drempel bij haar, stop je dan ook? Of zeg je, ik ga het via een andere weg proberen?
Ik heb gemerkt dat verder proberen geen nut heeft bij Robin. Dan slaat ze helemaal dicht. Op dat gebied zijn we eigenlijk twee heel verschillende.
Mijn hart ligt op mijn tong. Iedereen mag ook weten wat ik heb meegemaakt. Ik heb ook geen problemen om daarover te babbelen. Robben is op dat gebied een gesloten boek.
We zitten hier op de juiste constructie, want wij twee zijn op dat vlak hetzelfde.
En wij ook al.
Veerle en Robin zijn eigenlijk ook een beetje hetzelfde gesloten boek. Je merkt soms dat er dingen niet juist zijn, niet kloppen. Ook daar krijg je aandring. Is het nog erger, dan sluit men zich nog meer af.
Maar daarstraks heb je ook gezegd, het was mijn bedoeling niet om een boek uit te geven, het is een beetje door je mama. Wat heeft jou dan de trigger gegeven van hiermee moeten we naar buiten komen?
Ik denk ook wel een beetje hetzelfde als haar dingen. Om aan andere mensen te tonen van jullie zijn niet alleen. En om andere mensen een hart onder de riem te steken.
Was jij daar direct enthousiast over toen je mama dat voorstelde?
Nee, ik heb het een paar maanden laten liggen en toen ik was op school, ik had nog eens een gedicht tijdens de lesjes geschreven en ik dacht, eigenlijk heeft mama gelijk. Ik had mama gestuurd en toen zijn we naar uitgeversopzoek gegaan. Maar toen wou ik weer stoppen.
Ja, ik neem het aan. Het is je ziel wat bloot leggen hierin. Er staan heel persoonlijke dingen, natuurlijk.
Zijn er dingen die je makkelijker... Je kan gemakkelijker schrijven, maar zijn er ook dingen die je makkelijker kan schrijven naar je mama of naar je broers en zussen? Of zijn er dingen... Ik heb het straks van jou wel begrepen, Verde, dat je zegt... Er staan dingen in die ik pas toen ik het gelezen had, besefte.
Is dat ook iets wat bij jouw broers en zussen misschien leeft?
Daar heb ik geen idee van.
Ze hebben het nog nooit gevraagd, of ze hebben het misschien nog niet gelezen, dat kan ook.
Ik weet niet of mijn zuster het heeft gelezen. Ik weet ook niet of mijn jongste broer het heeft gelezen, maar mijn oudste broer denk ik wel. Hij heeft daar eigenlijk nooit echt iets over gevraagd. Maar hij heeft wel altijd duidelijk gemaakt dat het hier voor mij is om te praten.
Oké. Dus op een of andere manier kan ik als ik wil wel terecht bij iemand van mijn familieleden, zal ik zeggen.
Ja, zeker.
Ik wil heel even aan de cover komen die ook wel heel speciaal is. En die cover, wat zegt die voor jou? Want ik ga ervan uit dat jij die mee hebt bepaald dat die er kwam.
Ja, natuurlijk mijn zus heeft het getekend. Ik denk niet dat ze weet wat het eigenlijk betekent voor mij.
Het is eigenlijk, je ziet vier soorten armen, twee rond de keel. Dat is eigenlijk Zo van het brein dat denkt van nee, we mogen niks zeggen, we mogen niet laten zien wat er scheelt.
En dan de armen die zo van hulp vragen, is eigenlijk het hart dat opluchting wil, dat iemand wil vertellen wat er gaande is, maar door het brein natuurlijk niet naar buiten kan komen.
Want die twee rond de keel, die zie ik heel veel. En dan heb je een die zo wat meer een stopteken doet, van blijf van mij weg. En de andere die meer het teken geeft van kracht, zal ik zeggen. Dus dat zijn de twee dan van het hart dat je zegt.
Jij zegt kracht, ik zeg de boosheid. De onmacht die je hebt. Dat je niet... De twee handen naar de keel zeggen van... Je mag niet spreken, je mag dat wat je voelt niet zeggen.
En dan de vuist van ik ben boos en ik wil dat toch. En het is dan het stopteken van... Eerst genoeg. Ja, dit is mijn ding.
Durf je het zelf niet tekenen?
Ik durf het wel tekenen. Ik en mijn zus hebben samen op dezelfde school gezeten. Op dezelfde kunstschool.
Maar ik denk, mijn zus kan zoveel meer emotie tonen in hoe zij tekent dan ik. Dus ik dacht, ik laat mijn zus dit doen. Mijn zus betekent veel voor mij. Dus ik heb haar die rol gegeven.
Dat is heel mooi van jou. Ik bedoel, dat is drie mensen van jullie gezin die al samengewerkt hebben en dit boek en alles. Dus dat is heel mooi.
Als we het boek lezen, het is niet zoals een roman of een Harry Potter, zal ik zeggen, maar meer zo gedichte poëzie. Als iemand het boek open slaat, ongeacht op welke tekst. Zij kunnen zich daar ook in terugvinden. Dat is het mooie daaraan. Het is wat Veerle ook zei.
Je bent niet alleen. Mensen gaan zich daar ook in herkennen. Maar het is niet een boek dat je in één keer kunt uitlezen.
Nee, zeker niet. Ik denk... Het is niet iets wat je verwacht van een veertienjarige om te schrijven. Het is ook veel te zwaar om in één keer te lezen.
Ik heb het dus na mijn examen in één keer uitgelezen en ik dacht, oké, ja, nee, dat doe ik nooit meer.
Ik snap het. Kan je uitleggen... Je zegt altijd Pinky Promise.
Ja.
Pinkie Promise is voor veel mensen, veel jongeren van mijn leeftijd, heb ik door een heel zware betekenis, een heel zware belofte die iemand kan maken.
Het staat in het begin van mijn boek, omdat ik altijd zeg, ik beloof het, ik meen het, ik ben oké. En dan op het laatste zie je van, Ik had mijn vingers gegrijst. Ik ben eigenlijk niet oké. Ik heb gelogen.
Ja.
Oké. En ik vond het heel bijzonder. Het staat inderdaad op een van de eerste pagina's gewoon als een titel. Ik zeg altijd pinky promise.
Ik heb het boek gelezen en zoals ik velen ook zeg, het is niet iets wat je van voor naar achter leest. Dat is ook nooit de bedoeling geweest. Ik heb er zaken uit geleid en zoals je zelf aangeeft, Als je er een paar naar elkaar gelezen hebt, dan leg je het best eventjes weg.
Om te laten bezinken.
Ja, om te laten bezinken, maar ook even om zelf ook reflectie te kunnen doen over jezelf en alles.
Is er in dit boek een tekst waarvan jij zegt, dit is voor mij de meest belangrijke tekst die erin staat?
Ik denk... Ik weet niet precies de titel, maar ik heb wel een in mijn gedachten. Ik weet de titel niet precies.
Weet je waar je momenteel staat?
Nee, ook niet.
Wil je het erover vertellen?
Het gaat over mijn nonkel.
Ja.
Er staat zo'n zin in die zo... Iets is van, ik ben jouw nicht en je hebt me verlaten nog steeds. Niet exact die zin, maar het gaat zo'n beetje om dat hij mij heeft achtergelaten. En dat hij er iets aan kon doen, maar ook weer niks aan kon doen.
Die betekenis is heel speciaal voor mij. Ik denk wel, alle gedichten die erin staan over mijn onkel, dat die allemaal wel een heel speciale plek hebben.
Als je zegt van verlaten, dan gaat het dan over overlijden?
Ja.
Oké. Dat is maar gewoon, ik wil dat even weten. Dat was de ervaring die ik een beetje had, die eruit kwam.
Hoe kijk jij ernaar, Robin, dat nu onbekende mensen jouw boek kunnen lezen?
Ik kijk er eigenlijk positief naar. Ik denk, ook al hebben ze het boek gelezen, ze gaan mij nooit echt persoonlijk persoonlijk kennen. Maar ik hoop dat de mensen die het lezen en die ik niet ken, dat ik hen in een manier heb kunnen helpen.
Vooral. Ze kopen het met een reden, denk ik. Als ze lezen over wat het boek gaat, dat ze het voor een reden gaan kopen. En dan hoop ik dat de reden is om te kijken of ze alleen zijn in dingen.
En ik hoop dan dat ze beseffen dat ze niet alleen zijn en dat er altijd een weg uit is.
Nu, je boek is uitgekomen. Je zegt zelf, je bent veertien jaar, dus je gaat nog naar school. De klasgenoten, weten die dat je een boek geschreven hebt? En hoe reageren zij daarop?
Dit jaar ben ik naar een nieuwe school gegaan, dus ik heb het wel tijdens een lesgezegd toen we moesten zeggen wat we doen in onze vrije tijd. Ik denk dat sommige die het nog weten en die het hun hebben beseft, dat die wel vinden van, ah, wauw. Ook een paar leerkrachten van mij hebben het al opgezocht.
En op mijn vorige school waren ze eigenlijk heel erg supportive, als ik het zo mag zeggen. Ze waren heel erg blij voor mij. Mijn vriendinnen stonden allemaal achter mij, ze hebben me allemaal geholpen. Ook vrienden van mij waren er altijd, kregen altijd complimenten op hoe ik schreef.
Iedereen keek er wel positief naar en hielp me heel veel met het waar maken.
van het boek dan.
Ja, van het boek.
Dus je hebt ook goed veel sms'jes enzo mogen ontvangen.
Ja.
Maar het boek heeft ook mentaal iets met jou gedaan.
Of de inhoud van het boek?
Ja, het inhoud, het schrijven sowieso. Maar denk je soms zelf dat jongeren te lang zwijgen over hun problemen?
Ja, sowieso. Ikzelf ook. Ik weet dat van mezelf na deze jaren.
Teenagers die denken dat ze het alleen aan kunnen. Ze willen heel veel bereiken op een jonge leeftijd. Wat heel moeilijk is. Maar het is ook moeilijk om te beseffen dat ze sommige dingen niet kunnen halen op hun leeftijd. Sommige dromen te groot zijn om in 1, 2, 3 te kunnen maken.
En daardoor gaan ze heel veel struggelen met hunzelf en school en thuis. En ze gaan het allemaal voor hunzelf houden, wat niet de bedoeling is, want dat gaat alles erger maken.
Dat geeft ook een stuk de boodschap van zoek iemand die echt naar je wil luisteren, zet u daarbij en probeer.
Maar dan moet je de vraag al stellen, wat betekent luisteren voor jou?
Iemand die gaat beseffen van wat er eigenlijk gaande is. Iemand die er gaat mee om kunnen, om advies te geven, om te blijven luisteren, ook al is het telkens dezelfde situatie opnieuw. En iemand die gewoon gaat tonen van, ik luister.
Luister je dan ook naar het advies of neem je dat gewoon in je op en kijk daarna wat je er eventueel mee kan doen?
Je zei tiener, dat hou ik in mijn achterhoofd. Sommigen zeggen, wat weet mama of papa daar nu van? Zal ik het zo zeggen? Wij zullen zeggen van ja, wij hebben die levenservaring al en wij kunnen jou die en die tips of die tools aanrijken, maar wat ga je er dan zelf mee doen?
Ik denk dat ik zo'n tiener ben die denkt Laat me met rust. Ik zoek mijn eigen weg. Ik wil hier alleen door. Maar dat mislukt vaak. En ik denk dat veel tieners dat hebben.
Maar wat zou jouw boodschap dan zijn aan ons volwassenen?
Wees er voor uw kinderen, maar wees er niet te fel. Steek uw kinderen niet in bezorgdheid. Want ik denk, ouders die te veel gaan moeien en te veel gaan willen praten over gevoelens, dat dat de tiener meer gaat laten afzonderen van hun.
Heb je leeftijdsgenoten die jou over je boek hebben aangesproken, die zeiden van, ik heb me ook zo gevoeld?
Gisteren iemand, het was iemand die ik al even ken, maar niet persoonlijk ken. Ze wist niet dat ik een boek had uitgebracht en ze stierde me hem en ze vroeg over wat het gaat.
En ik zei het gaat over mijn leven, mijn mentale gezondheid, de struggles die ik heb meegemaakt. En ze zei ik snap het, ik heb het zelf ook meegemaakt, het is moeilijk.
En veel van mijn vrienden zeggen dat ze hunzelf herkennen in de gedichten die ik schrijf. Zoals mijn beste vriendinnen, die lezen het wel. En die weten ook gedichten die er niet in staan. En ze zeggen altijd dat ze hunzelf erin zien. En ook bang zijn om hulp te zoeken.
Waarom?
Ik denk dat veel tieners bang zijn omdat ze het niet willen beseffen en omdat ze bang zijn dat mensen gaan denken dat ze zwak zijn.
Dat heb ik vooral gehad, dat mensen rondom mij gaan denken ze is zwak want ze zoekt hulp, ze kan het niet aan. En ik denk dat veel mensen van mijn leeftijd dat gaan hebben.
En is dat voor jou nu veranderd?
Op sommige vlakken. Vooral niet op alles. Ik denk nog altijd als ik over sommige onderwerpen hulp vraag dat ik een beetje zwak ben. Maar ik denk dat het al aan het betere is.
We zeggen ook dikkels, wij onder elkaar ook, je bent niet alleen. Wij dragen het nu met ons tweeën, zal ik zeggen. Leer vragen als het niet gaat, want daar ben ik ook in de kop gewend.
Ik denk dat dat...
In de maatschappij ook.
We hebben allebei. Ik ben ook iemand die... door de jaren heeft geleerd. Ik was ook iemand die vroeger altijd dacht, ik ga het alleen aankunnen en ik kan de wereld aan. En als je ouder wordt, dan merk je dat dat niet gaat het zijn.
En het is inderdaad heel moeilijk om op hulp te vragen, zeker op Bij jouw leeftijd, zal ik zeggen, bij tieners.
Ik heb het geluk gehad om met jongeren te mogen werken. Ik ben leerkracht geweest in het vierde, vijfde en zesde middelbaar. Bij beroepsleerlingen. Een zeer boeiende job, vond ik. waar ik, denk ik, heb leren luisteren. En daarom dat ik aan jou vroeg van wat betekent dit en wat verwacht je dan van ons volwassenen.
Maar dat is iets wat ik vaak terugkreeg van luister naar ons, maar betutel ons niet. En als we met ons gezicht tegen de muur laten lopen, laat ons lopen, maar wees er om ons op te vangen.
Dit heb ik nu gehoord.
Goed, feit. Is dat een bad? Ja.
Is de Robin van vandaag sterk veranderd door het boek?
Ik denk niet echt dat ik ben veranderd door het boek, want ik schrijf nu altijd. Ik denk niet dat omdat ik nu een boek heb geschreven en dat mensen nu rondom mij weten zoveel ze zeggen, dat ik ben veranderd.
Ik denk wel dat mensen mij anders gaan aanzien. Maar ik vind niet dat ik moet veranderen, omdat mensen nu weten wat er gaande is.
Zeker niet. Je moet nooit veranderen. Dat is geen boodschap die ik wil meegeven. Dat is niet dat wij moeten veranderen voor anderen. Dat je jezelf moet zijn.
Het is ook zo, misschien wij spreken allemaal over onze rugzak die we met ons dragen, dat die misschien een beetje lichter geworden is voor jou.
Sommige vlakken. Het is nog altijd zwaar op sommige momenten, maar soms is het dan ook al iets makkelijker.
Ja.
Nu jij die verhalen gelezen hebt, of dit boek gelezen hebt, heb jij nu zoiets van, ik kan op een andere manier met Robin omgaan?
Dat is een heel moeilijke vraag voor mij. Eerst en vooral, ik had het straks al gezegd, we zijn eigenlijk een beetje twee tegenpolen.
Ik kan mensen heel goed lezen. Soms te goed, helaas. En ik heb meestal ook maar een halfzin nodig om iets te begrijpen. waar zij dan mensen niet kan lezen. Of ja, toch. En zij een hele uitleg nodig heeft om iets te begrijpen.
Dus ik heb haar beter leren begrijpen en ik weet ook dat ik wanneer ik moet stoppen met te vragen.
En is dat iets wat voor jou duidelijk is geworden door het boek?
Nee, ik denk niet zozeer door het boek, maar door de loop van de jaren heen. En hoe meer ik haar pushte om iets te verduidelijken, hoe meer zij de deur toetrok.
Dan heb ik een volgende vraag. Als jij een vraag stelde aan haar en zij trok de deur toe, en iemand anders van het gezin zou dezelfde vraag stellen, zou ze dan wel antwoorden?
Nee.
Maar dat had ik dus wel. Dus als ik iets zei, dan was het uit nieuwsgierigheid en controle. Maar als Kayet vroeg, was het uit interesse. Dezelfde vraag, hè. Dan denk ik van...
Wat?
Maar dat is dan zo niet bij jullie. Oké. Jij moet daar nu mee lachen, maar dat was het eerste wat bij mij opkwam.
Ja, dat klopt. Dat was zo.
Wil je blijven schrijven, Robin?
Ja, ik denk dat het me helpt om mezelf te begrijpen.
Ik zal de vraag anders stellen. Wil je blijven schrijven en uitgeven?
Ik denk het wel. Ik denk dat het boek heel veel mensen gaat helpen en al heeft geholpen. Dat ik met andere boeken later of nu ook mensen nog altijd wil helpen.
Droop je ooit van een roman te schrijven of zo? Of wil je bij poëzie en gedichten blijven?
Ik denk dat ik kan verhalen schrijven, maar ik denk niet zo goed als poëzie. Dus ik denk wel dat het altijd vooral poëzie gaat blijven. Maar wie weet verandert dat ooit nog.
Ja, wie weet. Je hebt nog tijd genoeg en alles.
Onze podcast heet Levenslijnen en wij proberen daar meestal ook een vraag rond te vertellen. Als je één lijn door je leven tot nu toe zou moeten tekenen, hoe zou die eruitzien? Zou die er vrij vlak uitzien?
Veel hoogtes, veel laagtes? Hoe zou die...
Ik denk heel wobbelig. Ik denk heel omhoog, omlaag, omhoog, omlaag.
Waar bevind je je nu op die lijn?
Ik denk dat het elke dag verandert en dat ik geen idee heb sommige dagen waar ik zit.
dat jij vandaag naast jouw jongere ik kunt gaan zitten. Misschien een heel rare vraag, omdat je al veertien bent, maar stel je voor dat je naast een persoon zit die nog een stuk jonger is, wat zou je tegen die Robin willen zeggen?
Ik zou zeggen, verkloot het niet zoals ik het heb gedaan. Verander nu dat het nog kan. En geef niet op waar ik heb opgegeven.
Oké, dat is heel duidelijk.
Wat zou je tegen iemand willen zeggen die nu luistert naar deze podcast, naar jouw aflevering? Wat zou je die als tip of gewoon tegen zeggen?
Zoek hulp nu dat nog kan. Red jezelf voordat het te laat is.
We zijn bijna aan het einde gekomen. Ik wil eigenlijk eindigen met een invraag.
Als mensen mijn Pandora-doos sluiten na de laatste bladzijde en hebben gelezen of denken van ik heb alles gelezen, wat hoop jij dan dat ze meenemen?
Dat je niet alleen bent. En dat iedereen hetzelfde meemaakt, maar in een andere vorm.
En dat het oké is om jezelf te zijn en om te praten over hoe je je voelt. En dat het belangrijk is om tijd te besplenderen met degene waarvan je houdt, nu dat nog kan.
Dat zijn zeer wijze woorden van iemand van veertien jaar.
Ik wil je, jij en je mama, van harte danken dat je vandaag bij ons wilde zijn. Niet alleen om over jouw boek te praten, maar ook om iets meer van jezelf te delen.
Aan de luisteraars wil ik zeggen dat soms denken we dat iemand luid moet roepen om gehoord te worden, maar soms zit een verhaal juist in stilte. In een paar woorden, in een bladzijde. Of in een doos die door iemand uiteindelijk voorzichtig durft opengedaan te worden.
Mijn Pandora-doos is het verhaal van Robin Clemens. Het is uitgegeven bij BookScout.
Herken je hierin? Zit je met bepaalde gevoelens? Weet dan dat praten helpt? Daarom dat wij ook op de website van ons de juiste locaties gaan zetten waar je terecht kan als je hulp nodig hebt.
En zoals altijd, Robin, eindigen wij onze aflevering met een eigen geschreven liedje. We hebben dat zelf geschreven, niet gezongen, voor alle duidelijkheid.
Voor jou wilden we de woorden en muziek samenbrengen in een lied dat aansluit bij jouw verhaal, bij mijn pandoradoos, en bij die ene boodschap die, wij denken, door heel de aflevering loopt.
Ook wanneer je je niet gezien of gehoord voelt, je bent niet alleen.
En ik zeg dat niet rap, maar dit is voor jou.
Ik heb zoveel woorden, maar blijf stil,
omdat ik niet weet hoe ik het zeggen wil.
Ik zoek naar iemand in de nacht,
die mij ziet en op me wacht.
Zie mij staan, hoor wat ik zeg,
blijf bij mij, ga alsjeblieft niet weg.
Hoor mijn woorden, ook al ben ik stil,
echt gehoord worden is wat ik wil.
Ik schrijf wat ik niet kan uitspreken,
maar ik zal ook niet breken.
Ik open wat verborgen bleef,
en vind hoop in wat ik schreef.
Zie mij staan, hoor wat ik zeg,
blijf bij mij, ga alsjeblieft niet weg.
Hoor mijn woorden, ook al ben ik stil,
echt gehoord worden is wat ik wil.
Mijn Pandora doos bleef lange tijd op slot,
vol vragen over m'n eigen lot.
Ik open haar en zoek naar licht,
en zo komt wie ik ben meer in zicht.
Zie mij staan, hoor wat ik zeg,
blijf bij mij, ga alsjeblieft niet weg.
Hoor mijn woorden, ook al ben ik stil,
echt gehoord worden is wat ik wil.
Ik kijk anders om me heen,
maar daarin ben ik niet alleen.
Ik hoef niet uit te leggen wie ik ben,
ik mag mezelf zijn, zoals ik me ken.
Zie mij staan, hoor wat ik zeg,
blijf bij mij, ga alsjeblieft niet weg.
Hoor mijn woorden, ook al ben ik stil,
echt gehoord worden is wat ik wil.
Als het even moeilijker gaat,
weet dat er iemand naast je staat.
Je hoeft de weg niet alleen te gaan,
er zijn mensen die voor je klaarstaan.
Zie mij staan, hoor wat ik zeg,
blijf bij mij, ga alsjeblieft niet weg.
Hoor mijn woorden, ook al ben ik stil,
echt gehoord worden is wat ik wil.
Open je hart, langzaam en niet te snel,
jouw verhaal verdient het wel.
Na het donker komt weer licht, en komt de hoop weer in zicht.
Hoor mijn woorden, ook al ben ik stil,
echt gehoord worden is wat ik wil.